Wat is de rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit (WPM)?
Vanaf 1 juli 2024 krijgen grotere werkgevers in Nederland te maken met een nieuwe klimaatmaatregel. Heb je een aanzienlijk aantal medewerkers? Dan ben je wettelijk verplicht om jaarlijks het woon-werkverkeer én zakelijke verkeer van je werknemers te rapporteren. Deze rapportageverplichting Werkgebonden Personenmobiliteit (WPM) komt voort uit het Klimaatakkoord van 2019. Het doel: de CO₂-uitstoot van werkgerelateerd verkeer inzichtelijk maken en uiteindelijk verminderen.
Is de WPM afgeschaft in 2026?
Tijdens Prinsjesdag 2025 heeft de overheid aangekondigd dat de rapportageplicht voor middelgrote bedrijven (meer dan 100 maar maximaal 250 medewerkers) in de toekomst wordt afgeschaft. Deze versoepeling is nog niet definitief — het wetsvoorstel moet nog worden goedgekeurd. Op dit moment geldt de rapportageverplichting dus nog steeds voor alle organisaties met meer dan 100 werknemers.
Voor wie geldt de WPM-plicht?
De rapportageverplichting WPM geldt voor alle werkgevers in Nederland met 100 of meer werknemers. Sta je ingeschreven bij de Kamer van Koophandel en heb je op peildatum 1 januari 100+ medewerkers op de loonlijst? Dan val je binnen de verplichting. Kleinere organisaties en zzp'ers zijn uitgezonderd, zij hoeven niet te rapporteren.
Belangrijk: het aantal werknemers op 1 januari van het kalenderjaar bepaalt of je organisatie moet rapporteren voor dat jaar. Heb je op 1 januari 2026 honderd of meer personeelsleden? Dan ben je over heel 2026 rapportageplichtig.
Goed om te weten: er hoeven géén persoonsgegevens van individuele medewerkers in de rapportage te staan. Je rapporteert alleen geaggregeerde totalen per categorie, zonder namen van werknemers. Dat maakt de verplichting iets minder belastend qua privacy en administratie.
Wat moet je rapporteren?
Kort gezegd: alle kilometers die je werknemers jaarlijks afleggen voor woon-werkverkeer en zakelijke ritten. Die kilometers splits je uit naar type vervoer én naar brandstoftype. Het gaat dus zowel om kilometers in zakelijke leaseauto's als om kilometers die werknemers afleggen met eigen vervoer of andere middelen. Ook ritten met privéauto's, fietsen, openbaar vervoer, motoren, et cetera tellen mee.
In de praktijk maak je in de rapportage eerst een onderscheid tussen woon-werk-mobiliteit en zakelijke mobiliteit. Vervolgens specificeer je voor elke categorie welke vervoersmodaliteiten je werknemers gebruiken: auto (of motorvoertuig), openbaar vervoer, fiets, te voet of bromfiets. Per type vervoer geef je ook aan welk brandstoftype van toepassing is — denk aan benzine, diesel, elektriciteit, hybride, LPG of andere brandstoffen. Tot slot vermeld je per combinatie van type vervoer en brandstof het totaal aantal kilometers dat je personeel in het betreffende jaar heeft afgelegd.
Je hoeft niet zelf de bijbehorende CO₂-uitstoot uit te rekenen. Op basis van de gerapporteerde kilometergegevens en vastgestelde emissiefactoren berekent de overheid de CO₂-emissie. Het invullen van totale kilometers volstaat, zolang je ze correct naar vervoersmiddel en brandstof uitsplitst.
Wanneer en hoe rapporteren?
De rapportage is jaarlijks verplicht. Je rapporteert over een kalenderjaar binnen enkele maanden na afloop van dat jaar. Oorspronkelijk was bepaald dat de eerste rapportage over 2024 uiterlijk op 30 juni 2025 ingediend moest zijn. Voor volgende jaren geldt naar verwachting hetzelfde: elk jaar vóór 1 juli lever je de gegevens over het voorgaande jaar aan. (Let op: volgens recente informatie van RVO mag je de gegevens van 2024 mogelijk samen met 2025 in begin 2026 indienen. Check de actuele deadline op RVO.nl.)
Rapporteren doe je via het online portaal van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO). Je logt in op het Mijn RVO-platform met je zakelijke eHerkenning. Hiervoor is eHerkenning niveau 2+ met de machtiging "RVO-diensten" nodig. Heb je nog geen eHerkenning? Vraag dit dan op tijd aan, want de aanvraag kan 1 tot 5 werkdagen duren.
Het invullen van de rapportage kan relatief vlot verlopen als je de data al verzameld en gestructureerd hebt. MyMilez helpt je hierbij. RVO heeft een handreiking Gegevensverzameling WPM gepubliceerd met daarin precies welke informatie je moet verzamelen. Hierin staan ook handige tips, zoals het eventueel gebruikmaken van een vragenlijst voor medewerkers om hun woon-werkafstand en vervoermiddel te inventariseren. Zorg dat je vóórdat je het online formulier invult alle benodigde gegevens paraat hebt — dan kost het invoeren hooguit een uur.
Lukt het onverhoopt niet om op tijd alle data te verzamelen? Dan kun je uitstel aanvragen. Neem daarvoor contact op met de Omgevingsdienst van de regio waar je hoofdkantoor is gevestigd. In een uitstelverzoek vermeld je je KVK-nummer en geef je aan waarom uitstel gewenst is. De regionale Omgevingsdienst kan vervolgens uitstel verlenen.
Uiteraard is het aan te raden dit alleen te doen als het écht niet anders kan — zo voorkom je last-minute problemen.
Waarom deze verplichting?
De achterliggende reden van deze rapportageplicht is het terugdringen van broeikasgasemissies. Nederland heeft in het Klimaatakkoord afgesproken de CO₂-uitstoot fors te verminderen. De uitstoot door woon-werkverkeer en zakelijke mobiliteit van werknemers maakt daar een aanzienlijk deel van uit. Het woon-werk en zakelijke verkeer van werknemers is samen goed voor naar schatting meer dan 50% van alle gereden kilometers in Nederland.
Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat wil via de WPM-rapportages inzicht krijgen in hoeveel CO₂ dit segment precies uitstoot. Op basis daarvan kunnen ze gerichte maatregelen nemen om de uitstoot terug te dringen.
Concreet is met de WPM-regelgeving een klimaatdoel verbonden: in 2030 moet de CO₂-uitstoot door werkgebonden personenmobiliteit flink lager zijn. Voor zakelijk verkeer van werknemers mikt men op een reductie van 1,5 megaton CO₂ in 2030 ten opzichte van 1990. Het uiteindelijke effect dat ze beogen: werkgevers gaan bewuster om met mobiliteit. Denk aan meer elektrisch rijden, openbaar vervoer of fietsen stimuleren. De rapportageplicht is een middel om data te verzamelen en bewustwording te creëren — hopelijk met gedragsverandering of beleidstransformatie als gevolg.
Gevolgen bij niet voldoen
Naleving van de WPM-plicht wordt in de gaten gehouden door de overheid. De controle ligt bij de regionale Omgevingsdiensten — overheidsinstanties die toezicht houden op milieu- en klimaatwetgeving. Zij checken of organisaties die onder de regeling vallen hun rapportage tijdig indienen. Verzending van de gegevens gebeurt via het RVO-systeem. De omgevingsdienst kan controleren of je de rapportage hebt aangeleverd.
Dien je bewust de rapportage niet in? Dan ben je in overtreding van de wet. In uiterste gevallen kan dit tot handhaving of sancties leiden. Denk aan een last onder dwangsom of boete vanuit de toezichthouder. In de praktijk zal men eerst aansporen om alsnog te voldoen.
Belangrijk om te beseffen: de huidige fase is vooral gericht op monitoring en gegevens verzamelen. Er is vooralsnog géén harde norm gesteld waaraan de CO₂-uitstoot per werkgever moet voldoen — je bent alleen verplicht om te rapporteren. Wel heeft de overheid een stok achter de deur: in 2026 vindt een tussentijdse evaluatie plaats op nationaal niveau. Blijkt dat Nederland met de werkgebonden mobiliteit niet op schema ligt richting de klimaatdoelstellingen? Dan kan alsnog een dwingende norm of plafond voor CO₂-uitstoot worden ingevoerd.
Als de rapportages laten zien dat er te weinig progressie is, zou de regering per 2027 een concrete maximale uitstootnorm voor bijvoorbeeld zakelijke kilometers kunnen gaan verplichten. Of andere aanvullende maatregelen opleggen. Dit vooruitzicht onderstreept het belang om nú al stappen te zetten richting duurzamere mobiliteit. Wie tijdig begint met het reduceren van de CO₂-uitstoot van zijn wagenpark en woon-werkreizen, voorkomt mogelijk strengere verplichtingen in de nabije toekomst.
Conclusie
De rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit is voor veel grotere werkgevers een nieuwe realiteit. Vanaf 2024 moeten organisaties met meer dan 100 werknemers jaarlijks inzicht geven in de kilometers die hun personeel aflegt voor werk. Dit is onderdeel van de gezamenlijke inspanning om klimaatverandering tegen te gaan.
Hoewel dit in eerste instantie een extra administratieve last lijkt, is het met goede voorbereiding en de juiste hulpmiddelen prima te doen. Zorg dat je op tijd begint met het verzamelen van de benodigde gegevens. Maak intern duidelijk waarom dit belangrijk is — zo creëer je draagvlak en voorkom je haastwerk tegen de deadline.
Voor de meeste betrokken bedrijven zal gelden: even wennen, maar niet onoverkomelijk. De data uit de WPM-rapportage kan je ook inzichten bieden om je bedrijfsvoering te verduurzamen. Vind je het toch complex? Er zijn handige tools op de markt om je te ondersteunen bij de registratie en rapportage, bijvoorbeeld MyMilez voor automatische kilometerregistratie en rapportage.
Het belangrijkste is om nu in actie te komen en dit serieus op te pakken. Zo is je organisatie ruim op tijd compliant met de nieuwe wetgeving. Daarmee loop je niet alleen voorop in naleving, maar draag je ook bij aan duurzamere mobiliteit in Nederland.
Met de WPM-plicht slaat de overheid een nieuwe weg in: transparantie over zakelijke mobiliteit als eerste stap naar schoner vervoer. Nu weet je wat er van je verwacht wordt en waarom het ertoe doet. Tijd om je mobiliteitsstromen in kaart te brengen. Zo ben je niet alleen "WPM-proof", maar bouw je ook mee aan een groenere toekomst.